Maar er was nog oud geluid. Zo oud, dat er geen geluid meer uit kwam. Een radioversterker met een vooroorlogse stilte. En een zenuwtergend gekraak als je de stilte wat harder zette.
En links klonk de stilte een stuk harder dan rechts: de balansknop was ondergestoft.
En toen begaven de computerboxjes het ook nog, en werd de stilte helemáál oorverdovend.
Ik mocht nieuw geluid gaan kopen. Al surfend vond ik een heel klein grappig apparaatje van Dynavox. Zo klein: zet de adsl-modem twee keer op zichzelf en je bent er. Een slof sigaretten is groter. En duurder…
En dan het geluid: dat is namelijk helemaal niet klein. Twee keer heel veel, links én rechts! Meer dan genoeg voor de kleine werkkamer die ik heb. Ruim voldoende om de buren tot waanzin en razernij te drijven, als dat ooit nodig is.
Dus daar dansen alle geluidjes weer door ’s Heeren kamer. Muziek waarvan de makers het woord digitaal nog niet kenden. Zoetgevooisde stemmen uit lang vervlogen jaren. Als je muziek draait uit je jeugd dan weet je het….
We worden oud.
